Interview Emerson Terinathe

Hier zitten we dan. Hoe gaat het met je?
Emerson: Prima. Het kan altijd beter, maar het gaat goed.

Goed? Dat is heel wat anders, dan wat wij hadden gehoord. Je verloor je baan in februari en recentelijk heb je ook wat opschudding veroorzaakt.
Emerson: Klopt en in beide gevallen kan ik er weinig over zeggen.

Want?
Emerson: Omdat dat de meest verstandige keuze is.

Je column of zeg maar “open brief” aan minister Hillen en daarop volgende column “De Molukse kwestie“, daar is positief op gereageerd in de Molukse gemeenschap, maar heb je ook reacties ontvangen van de Nederlandse gemeenschap?
Emerson: De reacties die ik heb mogen ontvangen waren positief.

 

 

Ook vanuit de Nederlandse regering?
Emerson: Geen reactie.

Denk je dat je nog wat te horen krijgt van hun? Ze zullen ongetwijfeld niet blij zijn met wat jij hebt vertelt.
Emerson: Ik heb geen idee.

Waarom heb ik het gevoel dat jij hier niet over wilt praten?
Emerson: Omdat ik dat ook niet wil. Ik schreef het in eerste instantie voor mezelf, als amateur schrijver. Vervolgens werd mijn schrijven zo “gehyped” om het maar zo te noemen, dat ik daarvan schrok. Het heeft wat teweeg gebracht, maar zoals ik al zei, ik wil er niet over praten.

Okay. Dan over wat anders. Jouw dochter. Je schrijft veel over haar. Jouw Facebook staat vol van foto’s en korte verhaaltjes over haar.
Emerson: Klopt. Zij is mijn alles. Ik zag mezelf nooit als vader. Daar was ik te losbandig voor. Ik hield ook nooit rekening mee met feit dat ik vader zou worden. Sterker nog, ik hield meer rekening mee met het feit dat er op een dag iemand aan mijn deur zou aan bellen, met de mededeling dat ik zijn of haar vader was. Serieus, geen grap.

Haha. Je zegt het anders met een glimlach. Was jij zo losbandig dan?
Emerson: Jawel. Ik was er vroeg bij. Achteraf gezien ben ik er niet echt trots op, maar dat is allemaal achteraf gepraat. Ik ben een jongen. Vroeger dacht ik: “Als het mij lukt om een vrouw het bed in te praten, waarom niet?” Ik hou van vrouwen. Ik heb respect voor vrouwen. Ik kan een heel column of verhaal schrijven over de schoonheid van een vrouw. Toch zie ik mezelf niet als een womanizer. Mensen die claimen dat ik dat wel ben, zeggen dat uit jaloezie. Om hun eigen tekortkomingen te camoufleren. Waarom zeggen ze het anders over mij? En dat terwijl ik mezelf helemaal niet “all that” vind. Ik ben niet gespierd. Ik ben vrij tenger. Ik moet het dus niet van mijn lichaam hebben.

Maar waarvan wel?
Emerson: Geen idee. Ik heb een vlotte babbel en ik ben erg sociaal. Maar ik voel me ook op mijn gemak bij vrouwen. Ik straal dat misschien uit. Ik ben mezelf. Maar ik kan ook gewoon goed met vrouwen opschieten.

Hoezo vind je dat?
Emerson: Ik heb een grote familie. Zonder overdrijven, mijn familie bestaat meer uit vrouwen dan uit mannen. Om mijn vaders kant te nemen. Mijn vader komt uit een gezin van 12 kinderen, waarvan 4 kinderen jongens zijn. Mijn opa en oma hebben 20 kleinkinderen. 10 daarvan zijn jongens. En van de 9 achterkleinkinderen, zijn 2 daarvan jongens. Daarom wist ik bij voorbaat al dat ik een dochtertje kreeg. Ik hield er totaal geen rekening mee dat ik een zoon zou krijgen. Dus ik ben opgegroeid met alleen maar sterke, zelfstandige, Molukse vrouwen om mij heen. Mensen die zeggen dat ik gevoelig ben, daar komt het door. Van mijn vader, broer, ooms en neven en mannen uit mijn omgeving, leerde ik hoe je man moet zijn, maar van de vrouwen leerde ik hoe met een vrouw om te gaan. Ik leerde vrouwen te begrijpen. Door een vrouw leerde ik hoe te communiceren en dat was confronterend, want wij Molukkers zijn van nature geen praters. Wij kroppen alles op totdat de bom barst.

Oh is dat zo? Praten Molukkers niet over hun gevoelens?
Emerson: Over het algemeen niet. Uitzonderingen daargelaten, maar over het algemeen praten Molukkers met hun vuisten. Het is ook niet van huis uit meegekregen. Ik ben een derde generatie Molukker. Mijn ouders hebben dat ook niet meegekregen van mijn opa en oma. Dat is een cultuur verschil. Nederlanders zijn praters, van het overleggen en communiceren. Molukkers niet. Molukkers zijn werkers. Wij zijn “doeners“. Wij praten niet, wij “doen” het. De Molukkers die wel sociaalvaardig in het communiceren zijn, de meeste daarvan hebben dan ook gemengd bloed en zijn buiten de “Moluke wijk” opgegroeid. Ik kom uit “de Molukse wijk” van Assen. Wij hebben de grootste Molukse gemeenschap van heel Nederland. Ik weet dus waar ik het over heb.

Je zegt het zelf al, je bent opgegroeid in de Molukse wijk. Hoe erg verschilt dat met een Nederlandse wijk?
Emerson: Heel erg. De sociale eenheid. Wij Molukkers zijn hecht. Natuurlijk hebben wij onderling ook onze onenigheid en kan dat er heftig aan toe gaan, maar als het erop aankomt, staan we voor elkaar klaar.

Waar zie je dat aan?
Emerson: Speciale gelegenheden, zoals een trouwerij, belijdenis, maar ook op een begrafenis. Maar ook in het dagelijks leven kan je het aan merken. Kleine kinderen die buiten spelen, wij weten bij wie elk kind hoort. We verliezen ze geen moment uit het oog. Wij letten op elkaar.

Maar toch woon je in Groningen. Niet in de Molukse wijk.
Emerson: Klopt.

Bewuste keuze?
Emerson: Ja.

Waarom dan? Zoals jij jullie wijk omschrijft, is het één en al harmonie. Waarom ben je daar weggegaan?
Emerson: Nou met dat harmonie valt wel mee. Je let ook niet op wat ik hiervoor zei. Ik had ook gezegd dat wij onderling ook onenigheid hebben. De sociale controle in onze wijk is erg groot. Dat is absoluut een voordeel, maar het kan ook een nadeel zijn. Als ik in de Molukse wijk zou blijven wonen, dan had ik nog steeds niet het gevoel dat ik op eigen benen sta. Dat ik zelfstandig ben. Daarom ging ik weg. Dit is mijn persoonlijke mening. Ik ken jongens waar ik mee ben opgegroeid en die nu een eigen huisje in de wijk hebben. Momenteel wil ik dat niet, daarom verliet ik het veilige Assen, voor Groningen. Nu woon in een volksbuurt. In het eerste jaar kende niemand mij daar. Heerlijk vond ik dat. Weer eens wat anders. Nu kennen een paar buren mij, maar nog steeds is het relax. Zij bemoeien zich niet met mij, ik niet met hun.

Woonde je er eerst samen met je ex?
Emerson: Ja. De eerste anderhalf jaar wel. Toen mijn dochtertje net een jaar was geworden is zij weg gegaan.

Er zijn mensen die denken dat jouw ontrouw de reden is van jullie breuk. Klopt dat?
Emerson: Nee. Dat klopt niet. Ik ben de eerste om toe te geven dat ik niet één van de braafste ben geweest in relaties. Ook ik heb mijn fouten gemaakt, maar dat geldt voor alle mannen. Mannen die beweren dat ze nog nooit zijn vreemdgegaan, die bestaan niet. Hetzelfde geldt ook voor vrouwen. Iedereen is weleens vreemdgegaan in hun leven, dus dat maakt mij heus niet anders. Ik ben alleen niet vreemdgegaan in deze relatie. Met Daisy wou ik oud worden. Ik zag dat helemaal voor me. Voor het eerst in mijn leven, zag ik mezelf oud worden met iemand. Het plaatje was ook ideaal. Ik had mijn gezin en mijn werk. Ontrouw is niet de reden van onze breuk. Het ging niet meer. Zij wilde niet meer. Ik zag nog voldoende perspectieven, maar als het alleen van mijn kant komt, dan werkt het niet. Een relatie heb je met zijn tweëen, niet in je eentje.

Ben jij je ex dankbaar, dat zij jou een dochter geschonken heeft?
Emerson: Dankbaar niet, maar mijn dochter is met afstand wel het mooiste en het allerbeste wat uit die relatie is voortgekomen. Ik ben niet dankbaar naar haar toe, maar naar God. Ik ben dankbaar naar Hem toe, dat HIJ mij een kind geschonken heeft, omdat ik weet dat er miljoenen mensen op de wereld zijn, die graag kinderen willen, maar geen kinderen kunnen krijgen. Ik ben gezegend nu ik vader ben. Toch zal mijn ex altijd een plek in mijn hart hebben.

Dat is lief, dat jij dat zegt.
Emerson: Het is gewoon zo. Ik ben gewoon eerlijk. Hoe je het ook wendt of keert, zij is en blijft de moeder van mijn dochter. En daarvoor respecteer ik haar.

Heb jij een zwak voor haar?
Emerson: Ik vind het moeilijk om daar antwoord op te geven. Als ik ja zou zeggen, dan is dat ook niet correct naar mijn eventuele nieuwe relatie toe. Mocht ik ooit weer een relatie hebben, dan wil ik dat met een zuiver geweten en een zuiver hart naar handelen.

Jij bent zelf opgegroeid met ouders die dit jaar 36 jaar getrouwd zijn. Jouw dochter heeft dat niet, want jij bent niet meer samen met haar moeder. Hoe moeilijk is dat?
Emerson: Ik denk dat het voor haar moeilijker zal worden, dan voor mij. Voor mij persoonlijk is het niet moeilijk, omdat ik er alles aan heb gedaan om het te doen slagen. Het heeft ook geen zin om naar het verleden te kijken, want het verleden heeft niks nieuws toe te voegen. Zolang ik mijn dochter alle liefde en aandacht kan geven, wat zij nodig heeft, dan ben ik tevreden. Ik heb een verantwoordelijkheid naar haar toe. Niet naar haar moeder. Dat is puur zakelijk, om het maar zo te noemen.

Hou je het ook puur zakelijk, als zij zich in het openbaar negatief over jou uitlaat?
Emerson: Ja. Dat doe ik in het belang van mijn dochter. Trouwens, mocht zij dat doen, of iemand anders, dan zegt dat meer over diegene dan over mij.

Ben jij een goede vader?
Emerson: Dat kan ik niet zeggen, omdat ik vind dat geen enkele ouder dat over hun zelf kan zeggen. Kinderen zijn de graadmeter. Mijn dochter kan later zeggen of ik een goede vader ben geweest. Net zoals ik over mijn vader beslissen.

Okay. Vertel. Is jouw vader een goede vader voor jou geweest?
Emerson: Ja. De beste. We hadden onze momenten van strijd, maar toen was ik nog jong en onwetend. Nu ik zelf vader ben, weet ik alles in perspectief te plaatsen. Al het goede wat mijn vader mij heeft meegegeven, wil ik mijn dochter meegeven. En dat is veel.

Wel grappig dat jij dat zegt, omdat ik had gehoord dat jij vroeger niet zo goed met je ouders kon opschieten.
Emerson: Wat is niet opschieten? We zijn gewoon erg verschillend. Het gaat erom hoe je daar mee omgaat. Vroeger kon ik daar totaal niet mee omgaan, nu wel. Ik ben ouder geworden. Ik ben gegroeid in mijn ontwikkeling als mens zijnde. Vooral nu ik zelf vader ben geworden. Dat ik vroeger niet zo goed met ze kon opschieten, heeft meer mijn eigenwijsheid te maken, dan met hun tekortkomingen als ouders zijnde. Mijn ouders hebben altijd keihard gewerkt voor mij en mijn broers. Alleen ik besefte dat pas veel te laat.

Je zei het zostraks zelf al: “Ik voel me gezegend“. Waarom voel jij gezegend?
Emerson: Ik ben in goede gezondheid. Ik heb een lieve dochter. Mijn ouders zijn in goede gezondheid en nog erg gelukkig samen. Ik heb mijn familie en mijn echte vrienden, die altijd voor mij klaarstaan. Wat wil je nog meer?

Geld?
Emerson: Geld is leuke bijkomstigheid. Met geld kan je heel veel. Natuurlijk wil ik veel geld, maar geld bepaalt mijn geluk niet.

Een vriendin?
Emerson: Ben ik niet bewust naar op zoek. Wat komt, dat komt, dus dat geldt ook voor een eventuele nieuwe relatie. En daar moet ik zorgvuldig mee omgaan. Ik heb een dochter, ik kan niet te pas en te onpas een vrouw naar huis meenemen. Dat is niet goed voor mijn dochter. Ik heb die fout 1x gemaakt, dat doe ik niet meer. Ik heb daarvan geleerd. Pas als het echt serieus is en ik voel dat het tijd is om mijn dochter voor te stellen, dan doe ik dat, eerder niet.

Nog wat te zeggen?
Emerson: Nee. Jij? We zijn wel klaar, vind je ook niet? Ik ga.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s