Verslag Herdenking De 6 van De Punt & Oproep Parlementair onderzoek

Herdenking 36 jaar na dato

Herdenking 36 jaar na dato

 

Gisteren was het 36 jaar geleden dat de treinkaping en schoolkaping in Bovensmilde werd beëindigd. De Molukse gemeenschap had gisteren 11 juni 2013 in Assen de zes doodgeschoten treinkapers van De Punt herdacht. Er werden onder andere toespraken gehouden, kransen gelegd en het Molukse Volkslied werd gezongen. Bij de actie kwamen twee passagiers en zes van de negen kapers om.

De 36ste herdenking was erg beladen en vol emoties omdat er begin juni door Junus Ririmasse ( oom Unu) en journalist Jan Beckers een onderzoeksrapport naar buiten werd gebracht, waaruit blijkt dat de omgekomen treinkapers werden geliquideerd door de mariniers. (Lees het onderzoeksrapport op: https://eterinathe.wordpress.com/2013/06/01/het-drama-van-de-punt/ )

Er werd later op de avond in Bovensmilde in de Molukse Stichting Molo-Oekoe gepraat over het onlangs verschenen rapport. Eén van de aanwezigen was ex gegijzelde Hendrien Maat. Het was een emotionele avond, waar de gemoederen op sommige momenten hoog opliepen. Veel mensen gaven aan om aktie te voeren, maar op welke manier? Iedereen was er mee eens om aan te dringen op een parlementair onderzoek. Maar hoe krijgen we dat voor elkaar?

Dat kunnen wij voor elkaar krijgen door vanaf achter onze laptop actie te voeren door emails te sturen naar de fractievoorzitters van de Tweede Kamer waarin we aandringen op een parlementair onderzoek en daarbij verwijzend naar het onderzoeksrapport en wat dat teweeg heeft gebracht. Als tien procent van de 60- tot 70.000 Molukers dat zouden doen dan komen er behoorlijk wat mails binnen. En alle emailadressen zijn op de site van de Tweede Kamer te vinden. Dit is geen oproep de mailboxen dicht te laten slippen, maar wel actief deel te nemen om dit onder de aandacht van de Kamerleden te brengen middels dagelijkse keurig van inhoud zijnde mails.

We willen als gemeenschap zijnde toch dat de waarheid naar boven komt? Dit is onze kans om het heft in eigen handen te nemen. We hoeven niet af te wachten wat voor acties diverse Molukse organisaties gaan ondernemen naar de Tweede Kamer toe. Een email naar alle fractievoorzitters volstaat. Wees daarom niet afwachtend, lui en laks. Iedere stem telt. Zorg er wel voor dat je een leesbevestiging instelt. Om iedere Molukker alvast een eind op weg te helpen, heb ik voor jullie allemaal de emailadressen hieronder gezet. Minister Wilders heb ik er bewust uitgelaten.

D.Samsom@tweedekamer.nl
S.Buma@tweedekamer.nl
a.pechtold@tweedekamer.nl
a.slob@tweedekamer.nl
b.vojik@tweedekamer.nl
c.vdstaaij@tweedekamer.nl
marianne.thieme@tweedekamer.nl
h.krol@tweedekamer.nl

Tevens voeg ik hierbij het interview die Jan Beckers gisteren had met NTR Radio voor de herdenking. Het interview vond plaats bij de graven van onze omgekomen vrijheidsstrijders. Link: http://audio.omroep.nl/radio5/nps/dichtbijnederland/20130611-23.mp3 Het interview begint na 18 minuten en 55 seconden!

Lawa Mena Hau Lala!!

Jan Beckers, oom Unu en ik gisteren voor herdenking De 6 van De Punt

Jan Beckers, oom Unu en ik gisteren voor herdenking De 6 van De Punt

6 gedachtes over “Verslag Herdenking De 6 van De Punt & Oproep Parlementair onderzoek

  1. Een zeer goede actie om te werken naar een parlementaire onderzoek naar de situatie van de rol(len) van de regering en defensie mbt de militaire actie die onze Molukse Actie te doen stoppen. En idd Wilders als een van de langste parlementarier binnen de 2e kamer moet ook gewoon benaderd worden.
    En zou je niet een uniforme Mailbrief moet opstellen, of is een ieder op zijn eigen manier om te reageren naar alle voorzitters van de 2e kamer. Ik zou ook aan het kabinet een mailbrief richten. Ik ga het doen z.s.m. en zal mijn mail hier op facebook plaatsen.

  2. Op eterinathe.wordpress.com/2013 las ik het volgende:

    Een persoonlijke toelichting van onderzoeksjournalist Jan Beckers en voormalig treinkaper dhr. Junus Ririmasse (een reactie van hen op de tegenvallende respons vanuit de Molukse wereld op hun onderzoek naar de “bevrijdingsactie” van mariniers in 1977 bij de trein van De Punt).

    Het gaat mij om het volgende citaat van onderzoeksjournalist Jan Beckers:

    Van voormalig gijzelaar George Flapper- als zijnde mede woordvoerder van ZMP (Stichting Zelfbeschikking Molukkers)- ontving ik (Jan Beckers) ook een mailtje. Hij deed er nog een schepje boven op : De stichting had geen interesse naar de Molukse acties en naar wat er in de trein gebeurt was en wees daarom ook het verzoek af.

    Dat citaat bevreemd mij enorm. Ik ben zeer geïnteresseerd in de Molukse zaak en ook in de treinkapingen uit de jaren zeventig. Ik heb er veel over gelezen, ook in de digitale krantenarchieven (o.a. het Nieuwsblad van het Noorden, de Leeuwarder Courant en De Telegraaf). Daarom bevreemde het schokkende rapport van Jan Beckers i.s.m. voormalig treinkaper Junus Ririmasse mij juist abslouut niet. In het verleden is vaker gesuggereerd dat mariniers die betrokken waren bij die bevrijdingsacties van passagiers een license to kill hadden waar het de Molukse treinkapers betrof. Liever dood dan levend? Werd reeds uitgeschakelde treinkapers bewust een “genadeschot” gegeven?

    Vanwaar nu die afwijzende/ongeïnteresseerde reactie van George Flapper? Weliswaar namens zijn Stichting en niet op persoonlijke titel, maar toch.
    In digitale krantenartikelen is juist te lezen dat Flapper jarenlang de overheid c.q. Van Agt ernstige verwijten heeft gemaakt. Waarom die kaping zo bloedig beëindigen, terwijl er “niets” aan de hand was!? Waarom feiten verdraaien?
    In feite worden al zijn jarenlange beschuldigingen en kwaadheid nu eindelijk bevestigd in het rapport van Beckers/Ririmasse.
    Dat lijkt mij een reden temeer om als prominent gijzelaar achter dat rapport te gaan staan en eindelijk openheid van zaken te eisen bij Van Agt plus de Nederlandse overheid en aan te sturen op een parlementaire enquete.

    Nu neemt hij echter juist afstand van dat rapport…

    Speurend op internet op de zoekwoorden Van Agt/George Flapper kwam ik onderstaand artikel tegen op http://www.slechtziendenkrant.nl*

    Het lijkt erop dat de inmiddels slechtziende Flapper in Van Agt een medestander heeft gevonden in een andere belangrijke zaak. Opkomen voor de rechten van slechtzienden in Nederland.

    Op zich uiteraard heel belangrijk. Ik heb respect voor George Flapper en mooi dat hij zich zo inzet voor de rechten van de slechtzienden in Nederland.
    In eerste instantie lijkt het mij óók mooi dat George Flapper daarvoor kan rekenen op de steun van oud minister president Dries van Agt die zitting heeft genomen in het Comité van Aanbeveling van het Oogfonds.

    In tweede instantie bekruipt mij het vervelende gevoel dat dát ook de reden kan zijn op grond waarvan Flapper nu geen steun geeft aan het, in mijn ogen, buitengewoon schokkende rappport Beckers/Ririmasse. Van Agt neemt in 2012 het door Flapper geschreven boek over slechtziendheid persoonlijk in ontvangst en lijkt inmiddels dus juist een goede band met Flapper te hebben opgebouwd. Kan het zijn dat zijn prominente inzet voor slechtziend Nederland Van Agt anno 2013 een plus oplevert en daarom het minpunt van Van Agt uit 1977 door George Flapper wordt weggestreept?

    Wat ik geweldig vind is, dat Van Agt zich nu wél daadwerkelijk inzet voor een slachtoffer van de treinkaping bij De Punt. De nabestaanden van de omgekomen gegijzelden Rien van Baarsel en Ansje Monsjou en ook nabestaanden van omgekomen treinkapers waren in het verleden zwaar teleurgesteld in de houding van Van Agt na afloop van de kaping. Zo werd de weduwe van Rien van Baarsel kort na afloop van de treinkaping geschoffeerd omdat Van Agt op het laatste moment twee afspraken met haar afzegde (Bron: De Molukse acties van Peter Bootsma). De vader van Ansje Monsjou verklaarde jaren geleden op televisie dat hij op zijn vragen aan Van Agt omtrent de dood van zijn 19-jarige dochter nooit antwoord kreeg.

    De vader van Ansje Monsjou wil nu eindelijk wél de onderste steen boven hebben. Hij steunt het rapport Beckers/Ririmasse en wil weten hoe en waarom zijn dochter, net als Rien van Baarsel, door marinierskogels om het leven kwam (en niet door kogels van de kapers zoals door de overheid aan de weduwe van Rien van Baarsel medegedeeld werd…).

    Naar mijn mening hebben mijnheer Monsjou en mevrouw Van Baarsel eindelijk recht op antwoorden van de Nederlandse overheid en Dries van Agt n.a.v. dit schokkende rapport. Andere nabestaanden hebben dit recht ook. Net als andere gegijzelden. Ook George Flapper.

    Die antwoorden kunnen alleen verkregen worden via een parlementaire enquete.

    Harry

    * http://www.slechtziendenkrant.nl:

    ‘Zo kan het ook’
    “Het allerbelangrijkste waarom ik dit boekje geschreven heb is, omdat ik vind dat mensen die slechtziend worden van de oogarts helemaal geen voorlichting krijgen over wat ze met de juiste hulpmiddelen nog wel kunnen.”
    George Flapper, zelf slechtziend, schreef het boekje Leven met minder zicht. Oud-minister president Dries van Agt, lid van het Comité van Aanbeveling van het Oogfonds, neemt morgen het eerste exemplaar in ontvangst op de Regionale Hulpmiddelenbeurs Ziezo in Bibliotheek Gelderland-Zuid in Nijmegen.

  3. NB: N.a.v. mijn gisteren geplaatste bericht van mijn vermoeden dat George Flapper met zijn stichting het onderzoek van Beckers/Ririmasse niet steunt i.v.m. zijn nauwe band met Van Agt: Ik kwam erachter dat George Flapper op persoonlijke titel de oproep voor een parlementair onderzoek wél ondersteunt. Mooi! Dat maakt mijn respect voor hem des te groter…

    Harry

  4. “EEN PARLEMENTAIR ONDERZOEK ZOU OP ZIJN PLAATS ZIJN”

    De minister van Justitie bij de treinkapingen in de jaren 70

    Bij aanvang van de treinkaping, op 23 mei 1977 bij De Punt, denken veel mensen direct terug aan december 1975 toen bij de treinkaping van Wijster drie doden vielen. In het boek “IJsbloemen en witte velden” van Ger Vaders, oud-hoofdredacteur van het Nieuwsblad van het Noorden en gijzelaar in Wijster, uit Vaders ernstige kritiek op het optreden van de Nederlandse regering bij die treinkaping. De kritiek van Vaders betreft met name het optreden van de toenmalige Minister van Defensie Dries van Agt. Van Agt is zelf niet ontevreden over zijn eerdere optreden en stapt in mei 1977 als verantwoordelijke minister van Justitie met volle overtuiging in voor de volgende klus. Van Agt arriveert kort na aanvang van de gijzelingsacties onder grote mediabelangstelling bij zijn ministerie. De reactie zoals opgeschreven in het dagboek van toenmalig minister van Defensie Bram Stemerdink getuigt van diepe minachting: “Van Agt had zijn verkiezingstoernee afgezegd, snel naar Den Haag. Hij komt met een witte porsche en in een wit pak aan.” Vervolgens schrijft Stemerdink dat tot zijn afgrijzen -“De hemel beware ons”- Van Agt naar Assen gaat om de leiding op zich te nemen. Van Agt zegt zelf: “Ik denk niet dat het noodzakelijk was uit oogpunt van beleid. Ik zal zeker gedreven zijn door de overweging om aan het goede vaderland te laten zien hoe actief ik bezig was voor de goede zaak. Het reizen per helikopter naar Assen was natuurlijk wel een interessant stukje publiciteit, twee dagen voor de verkiezingen. Ja mijn beste, zo zijn politici. Dat gaat zo.”

    Nazorg voor de vader van Ansje Monsjou en de weduwe van Rien van Baarsel

    In de nazorg voor de nabestaanden van de twee omgekomen gegijzelden is er ook een hoofdrol weggelegd voor de minister van Justitie. De vader van Ansje Monsjou verklaarde jaren geleden op televisie dat hij op zijn vragen aan Van Agt omtrent de dood van zijn 19-jarige dochter nooit antwoord heeft gekregen. De weduwe van de bij de bevrijdingsactie omgekomen Rien van Baarsel moest het doen met een éénmalige schadevergoeding van 3000 gulden. Een bedrag dat alle overlevende gegijzelden ook ontvingen. Mevrouw Van Baarsel laat zich ondanks haar verdriet niet afschepen met dit standaardbedrag. Haar man was notabene kostwinner en toch moet zij het doen met dezelfde uitkering die gegijzelden met een vaste dienstbetrekking ook ontvangen. Uiteindelijk volgt een gesprek met minister Van Agt, maar niet nadat er twee keer op het laatste moment een afspraak is afgezegd omdat de minister van Justitie verhindert is. In eerste instantie wordt overigens beweerd dat Rien van Baarsel ongekomen is door een kogel in de hartspier die afkomstig is uit het wapen van een Molukker. Later blijkt Rien van Baarsel, evenals Ansje Monsjou, dodelijk getroffen te zijn door Nederlandse schutters.

    Een lintje voor de mariniers?

    Minister van Defensie Hans Hillen lanceert in 2012 het plan om mariniers die betrokken waren bij de bevrijdingsactie een lintje te geven. In het reformatorisch Dagblad reageert oud-gegijzelde George Flapper ontzet. Over de bevrijdingsactie in de vroege morgen van 11 juni 1977 zegt Flapper in 2012: “Ik lag al op de grond voordat ik besefte dat de trein massaal beschoten werd. Kort daarna hoorde ik iemand in het voorste halletje roepen: “Hier zijn ze allemaal kapot!” Constateerde hij dat of had deze marinier er zelf aan meegeholpen vraagt Flapper zich af. De oud-gegijzelde wijst erop dat twintig jaar later bekend werd dat ten minste één van de mariniers een kaper heeft beschoten terwijl ze al duidelijk gewond was en zich niet meer kon verzetten. “In een oorlogssituatie zou je dat een oorlogsmisdaad noemen,” aldus Flapper.

    Mogelijke executies

    In Molukse kring wordt al jaren aangenomen dat er kapers doelbewust zijn ’geëxecuteerd’. Die bewering lijkt aannemelijk na het lezen van het onderzoeksrapport uit 2013 van free-lance journalist Jan Beckers. Na uitgebreid onderzoek en analyse van de medische rapporten blijkt dat twee kapers naast vele schotwonden in het lichaam ook geraakt zijn door identieke revolverschoten in het hoofd. Joop den Uyl, in 1977 eindverantwoordelijke als Minister-President, liet zich in 1987 ontvallen de actie als ’een executie’ te zien. „Van mensen in overtreding, maar het is een executie.”

    “Een parlementair onderzoek zou zeker op zijn plaats zijn.”

    Kees Kommer, toentertijd plaatsvervangend commandant van de precisieschutters, vraagt zich in 2012 tijdens een gesprek met Jan Beckers iets af: Waarom werd tegen hem gezegd dat een actie noodzakelijk was omdat de kapers gegijzelden gingen fusilleren? Hij was tegen een gewelddadige actie geweest omdat het risico op slachtoffers veel te groot was. Pas nadat hij op de hoogte gesteld werd van de executies die op stapel stonden had hij met de bevrijdingsactie ingestemd. Tegen Beckers zegt Kommer: “Als nu blijkt dat ik bewust op het verkeerde been ben gezet, word ik alsnog woedend. Want om eerlijk te zijn, dit achtervolgt mij mijn hele leven al. Iedere keer als ik in Assen ben denk ik er aan. De reden dat ik hier nu met jou zit te praten, is dat er eindelijk gerechtigheid komt. Aan die gerechtigheid en waarheid wil ik voor honderd procent meewerken. Een parlementair onderzoek zou zeker op zijn plaats zijn. Er zijn onderzoeken geweest voor mindere zaken dan deze.”

    Harry, 7 augustus 2013

    Voor citaten is gebruik gemaakt van krantenartikelen uit het Dagblad van het Noorden, De Volkskrant, Trouw, het Historisch Dagblad, het reformatorisch Dagblad, meerdere publicaties op internet, “De Molukse acties” van auteur Peter Bootsma, het boek “IJsbloemen en witte velden” van Ger Vaders en het onderzoeksrapport over de bevrijdingsactie van Nederlandse mariniers bij de trein in De Punt van free-lance journalist Jan Beckers.

    NB1: Regering was voor de kapingen al anti-RMS

    Een krantenartikel van een aantal jaren geleden uit het Nieuwsblad van het Noorden: REGERING WAS VOOR DE KAPINGEN AL ANTI-RMS (RMS staat voor Republik Maluku Selatan die door Molukkers uitgeroepen was tot hun ‘beloofde land”). Uit het artikel blijkt dat de Nederlandse regering al in 1975 met de Indonesische staat een geheime overeenkomst had gesloten om het streven naar een zelfstandige Molukse staat de kop in te drukken. Het staat zwart op wit, want na een succesvol beroep op de Wet Openbaarheid van Bestuur hebben journalisten dit kunnen nalezen in de geheime akkoorden tussen Nederland en Indonesië. Nog voor de eerste treinkaping, op 2 december 1975 in Wijster, was dus al door de Nederlandse regering aan Indonesië een garantie gegeven. De garantie dat het streven van de RMS naar een eigen Molukse staat op geen enkele steun en sympathie van de Nederlandse regering kon rekenen. Uit de geheime akkoorden blijkt zelfs dat de Nederlandse regering met de Indonesische regering wil samenwerken om de RMS te ondermijnen.

    NB2:

    Als er een parlementair onderzoek komt lijkt het mij belangrijk om met de juiste zoekwoorden in de digitale krantenarchieven te speuren. Op die manier is veel informatie terug te vinden (duizenden artikelen/vele interviews) over het hoe en wat op dat moment (en dus niet anno 2013). Wat Den Uyl in de Tweede Kamer verklaart kort na de actie in 1977 is bijvoorbeeld weer heel wat anders dan wat Van Agt ruim dertig jaar later zegt.

    Op 15 juni 1977 is in het Leidsch Dagblad te lezen :
    Premier Den Uyl in regeringsverklaring:
    “Treinpassagiers werden met de dood bedreigd”.

    Hij zegt dat in de Tweede Kamer dus mede namens Minister van Justitie Dries van Agt.

    Anno 2010 zegt diezelfde Van Agt in het dagblad Trouw:
    “De beslissing om in te grijpen, was niet gebaseerd op de verwachting dat er spoedig geweld door de Molukkers zou worden gebruikt. Die gegevens hadden wij niet.”

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s